Door de grootschalige uitrol van batterijen bij zonneparken is er ruimte om 7,5 gigawattpiek extra zonnepanelen van zonneparken en zonnedaken aan te sluiten op het stroomnet. Dat blijkt uit onderzoek van CE Delft. Om 7,5 gigawattpiek extra zonnepanelen aan te sluiten op de bestaande netaansluitingen is 5,5 gigawatt aan batterijvermogen nodig met een totale opslagcapaciteit van 22 gigawattuur. Het onderzoek is door CE Delft uitgevoerd in opdracht van de TKI Urban Energy en netbeheerder Enexis.

Voor 2030 rendabel voor nieuwe zonneparken door handel onbalans- en congestiemarkt

Uit de doorrekening van de onderzoekers over de plaatsing van een batterij bij een zonnepark volgt de conclusie dat een zonnepark van 27 megawattpiek met een minimale hoeveelheid curtailment (red. het aftoppen van de zonne-energieproductie) aangesloten kan worden op een netaansluiting van 10 megawatt door er een batterij met een vermogen van 10 megawatt bij te plaatsen. Zonder batterij kan er met hetzelfde percentage curtailment slechts 13,5 megawattpiek aan zonnepanelen aangesloten worden op dezelfde netaansluiting van 10 megawatt. Dit betekent dat er met een batterij met een vermogen van 10 megawatt in totaal 13,5 megawattpiek extra zonnepanelen aangesloten kan worden op de netaansluiting van een bestaand zonnepark of zonnedak.

De uitrol van batterijen is weliswaar laaghangend fruit, maar dat zal pas geplukt worden als de overheid specifieke stimuleringsmaatregelen ontwikkelt. De batterijen zijn zonder aanvullend overheidsbeleid voor projectontwikkelaars namelijk niet rendabel bij zonnestroomprojecten. Vóór 2030 wordt volgens CE Delft alleen de combinatie van handel op de onbalansmarkt en de congestiemarkt rendabel voor de batterij bij een nieuw zonnepark. De inkomsten van een batterij bij een bestaand zonnepark zijn hoger doordat daar meer netcapaciteit beschikbaar is. Toch is de businesscase voor de meest voordelige variant, namelijk de combinatie tussen de onbalans- en congestiemarkt, zelfs in 2030 niet rendabel voor een batterij bij bestaande zonneparken.

Met efficiëntere aansluiting en cable pooling 9,6 gigawattpiek extra 

De onderzoekers van CE Delft stellen verder dat door efficiënter gebruik van bestaande netaansluitingen nog eens 1,8 gigawattpiek extra zonnepanelen aangesloten kan worden op het Nederlandse stroomnet zonder dat hier batterijen of netverzwaringen voor nodig zijn. Daarnaast kunnen zonneparken aangesloten worden op dezelfde netaansluiting als windparken, oftewel cable pooling. Doordat zonneparken en windparken zelden tegelijk produceren, kan er voor elke megawatt aan windenergie 1 megawattpiek aan zonnepanelen aangesloten worden met een beperkt verlies aan zonne-energie. In totaal kan er op deze manier nog 7,8 gigawattpiek extra zonnepanelen aangesloten worden.

‘Bij een bestaand zonnepark aangesloten op 100 procent van het piekvermogen kunnen extra zonnepanelen geplaatst worden, zodat dit park op 70 procent van het piekvermogen aangesloten is’, stellen de onderzoekers. ‘In totaal kan zo samen met cable pooling bijna 10 gigawattpiek aan nieuwe zonnepanelen aangesloten worden. Bij beide vormen van het aansluiten van extra zonnepanelen op dezelfde aansluiting kan een klein gedeelte van de geproduceerde energie niet ingevoed worden. Dit leidt tot inkomstenderving voor de producent. De hoeveelheid verloren energie, en dus ook de gederfde inkomsten, is echter beperkt.’

Oplossing Extra aan te sluiten per megawatt bestaande aansluiting Totaal extra aan te sluiten
Plaatsing batterijen 1,35 megawattpiek zonnepanelen + 1 megawatt omvormers
1 megawatt batterijen met opslagcapaciteit van 4 megawattuur
7.400 megawattpiek zonnepanelen + 5.500 megawatt omvormers
5.500 megawatt batterijen met opslagcapaciteit van 22.000 megawattuur
Efficiënter gebruik netaansluiting 0,35 megawattpiek zonnepanelen + 0 megawatt omvormers 1.800 megawattpiek zonnepanelen + 0 megawatt omvormers
Cable pooling 1,35 megawattpiek zonnepanelen + 1 megawatt omvormers 7.800 megawattpiek zonnepanelen + 5.800 megawatt omvormers

In 2030 1 à 1,5 gigawatt batterijen voor netbalancering

Met het huidige beleid zal er volgens de onderzoekers van CE Delft in 2030 naar verwachting een markt zijn voor zo’n 1 à 1,5 gigawatt aan batterijvermogen. Dat is een stuk minder dan de 2,6 tot 15,4 gigawatt waarmee hoogspanningsnetbeheerder TenneT rekent in zijn investeringsplannen.

Het betreft met name gridbatterijen die hoofdzakelijk worden ingezet voor de handhaving van de netfrequentie. Batterijen kunnen nu al rendabel ingezet worden om de netfrequentie te ondersteunen op de markt voor noodvermogen (red. Frequency Containment Reserves, kortweg FCR) en de markt voor regelvermogen (red. automatische Frequency Containment Reserve, aFRR) van TenneT.

De FCR-markt kan zo’n 200 megawatt vermogen aan batterijen faciliteren en de aFRR 450 megawatt vermogen aan batterijen; oplopend naar 700 megawatt in 2030. Marktpartijen kunnen daarnaast een vrijwillige bijdrage leveren aan de handhaving van de netfrequentie via de onbalansmarkt. Batterijen die alleen handelen op de onbalansmarkt worden volgens de onderzoekers rond 2030 rendabel. Batterijen die congestiemanagement aanbieden aan de netbeheerder, kunnen daar nu al forse inkomsten uit halen in combinatie met inzet op andere markten. De congestiemarkt heeft een huidige omvang van zo’n 100 megawatt. De combinatie van de onbalansmarkt met congestiemanagement of aFRR kan volgens CE Delft al vanaf 2021 een rendabel businessmodel opleveren. Gridbatterijen worden eerder rendabel dan de overige batterijtypen.

Bron: Solar Magazine, 27 januari 2022.

Download hier het volledige onderzoek van CE Delft in opdracht van de TKI Urban Energy en netbeheerder Enexis.